En toen verdween hij schreeuwend in die rietkraag…………..

Ik sta voor het raam in mijn keuken,  kijk naar buiten en zie het bevroren water voor de deur. Het is behoorlijk koud en er ligt een laagje sneeuw op. Mijn gedachten gaan terug naar vroeger, hoe gek ik was op schaatsen. Eerst op het opgespoten bevroren water in de speeltuin, met van die ijzertjes onder mijn rubber laarsjes gebonden. In die laarsjes droeg je een extra paar sokken over een maillot, die je onder je lange broek droeg. Wanneer het echt heel erg koud was, dan deed je zelfs wat kranten onder je jas. En wanneer je echt een beetje kon schaatsen dan ging je naar de Ringdijk……..

Omdat ik schaatsen heerlijk vond, er uren mee bezig was per dag, kreeg ik toen echte witte kunstschaatsen. Met van die ribbeltjes aan de voorkant, wanneer je snelheid maakte en daarmee per ongeluk het ijs raakte, dan ging je geheid plat op je neus…….maar dat was een kwestie van wennen. De meeste jongens reden later op noren.

Niet iedereen had die luxe, de meerderheid van mijn vriendinnetjes en vriendjes hadden toen eerst een tijdje van die houten Friese doorlopers, die onder hun schoenen werden gebonden. Na de ijzertjes onder mijn rubberen laarzen, heb ik het daar ook heel even op moeten doen. Maar toen vonden mijn ouders het gelukkig al snel tijd worden voor echte schaatsen, ik zwikte namelijk heel veel door mijn enkels en de kunst schaatsen gaven meer steun. De haakjes van die schaatsen en die lange veters, waren altijd een hele strubbeling, vooral wanneer je koude handen had. Als de schaatsen te strak zaten, ging dat zeer doen, dus was het altijd even puzzelen hoe de veters het beste zaten. Maar dat was eerlijk gezegd een luxe probleempje. Ik was de koningin te rijk met mijn hagelwitte echte schaatsen.

Uren kon ik dus doorbrengen op het ijs en ik werd steeds beter met het schaatsen. Dikke pret hadden we altijd, het lijkt wel of er toen veel vaker natuur ijs was. Maar dat weet ik niet zeker. Wanneer het niet genoeg gevroren had,  of de dooi er aan kwam, dan gingen we met zijn allen naar de Jaap Edenbaan, die niet ver van mijn huis was. Menige ijs liefde bloeide daar op, toen ik in de pubertijd kwam. Met mijn huidige partner ben ik daar ook geweest, toen wij in 1975 verkering hadden, dus voordat we elkaar bijna 30 jaar uit het oog verloren.  Hem sleepte ik achter mij aan terwijl hij wiebelend mijn schaatsbeschermer vasthield. Hij kon wel schaatsen, maar niet zo goed als ik en ik wilde dat hij sneller ging, dus vandaar. Ik was eigenlijk best een beetje een “bitch” op het ijs voor mijn vriendjes. Ik vond het leuk, dus moesten zij dat dan ook maar vinden of zoiets.  No matter what. Maar het allerleukste vond ik altijd het moment na het schaatsen, dan gingen we met zijn allen, verkleumd en moe het houten restaurantje binnen, waar de kachel lekker brandde. Met zijn allen lekker opwarmen, kletsen onder het genot van een brave  warme chocolade melk en het eten van een gevulde koek. Wanneer we opgewarmd waren, hingen we de schaatsen om onze nek en gingen met zijn allen, moe maar voldaan, lopend naar huis. Dat was altijd super gezellig en ik heb daar warme herinneringen aan. Ik heb tot aan mijn 18e regelmatig geschaatst daar en de meest leuke dingen meegemaakt op het ijs en in het gezellige houten restaurant.

Toen ik in Almere kwam wonen in 1978, kregen we meteen al te maken met hele strenge winters en de grachten lagen er wel al, dus daar kon ik ook heerlijk schaatsen. Mijn toenmalige partner was niet, net als ik, groot geworden met schaatsen, maar hij wilde het toch graag leren. Ik vond niets leuker dan keihard op hem af rijden, hem met zijn armen te zien zwaaien om zijn evenwicht te bewaren, zijn angstige gezicht te zien, omdat ik als een razende op hem af kwam. De truc was dan, om dan op het allerlaatste moment, vlak voor hem af te remmen en af te zwenken. Meestal ging hij van de schrik dan toch onderuit en ik had dan (heel gemeen) de grootste lol. Ik kan er niks aan doen, maar terwijl ik dit schrijf betrap ik mijzelf er op dat ik er  nog steeds om moet glimlachen.

Op een gegeven moment was het Gooimeer zelfs grotendeels bevroren en ja, wat is er nu mooier, dan te schaatsen bij het strandje? Dus samen met mijn jongste broer en die bewuste partner(best dapper eigenlijk)  gingen we vol goede moed, het Gooimeer op, met onze schaatsen. Prachtig glad ijs, het leek wel een spiegel en we vermaakten ons prima. Mijn toenmalige partner kreeg er zowaar zelfs een beetje de vaart in, maakte heldhaftig steeds meer snelheid. Maar toen hij recht op een flinke rietkraag afging, wist hij opeens niet meer hoe hij moest afremmen. Tot grote verbazing van mijn broertje en ik, zagen we hem recht op de rietkraag afgaan en hem schreeuwend daarin verdwijnen. We konden van het lachen niet meer en daarna heeft hij het schaatsen min of meer afgezworen.

En ik? Ik niet hoor, ik ben in de jaren daarna met mijn kinderen ook altijd meteen het ijs opgegaan, zodra dit kon. Ik wilde dat zij het zelfde plezier er aan zouden beleven, als dat ik als kind altijd had gehad. In het begin vonden ze het helemaal niks, het was meer vallen en opstaan, dan dat ze echt schaatsten. Maar gaandeweg kregen ze het toch onder de knie. Een softe en makkelijke moeder was ik toen absoluut niet, want wanneer ze vielen, dan keek ik eerst even en dan was het meteen weer doorgaan, niet zeuren, maar proberen! Dat werkte dus wel, want na even “piepen” gingen ze dan toch weer verder. Zodra er geschaatst kon worden dan stonden we dus op het ijs en hadden met zijn allen zo veel plezier! Ik heb daar hele fijne herinneringen aan en ik hoop mijn kinderen ook. Wanneer de vorst lang aanhield, dan was het snel het avond eten naar binnen proppen, schaatsen pakken en hoppa met het hele gezin naar de gracht achter ons huis. Deze was dan verlicht en had soms zelfs een soort koek en zopie gebeuren. De andere “schaats gekke” gezinnen waren er dan ook en dat was met elkaar echt heel leuk! Ook de lagere school ging dan met de kinderen ‘s middags naar het ijs en ik vond het heerlijk te gaan kijken en dan te zien dat mijn kinderen redelijk weg kwamen met hun schaatsen, tussen alle andere kinderen. Dat hadden ze toch maar mooi geleerd!

Nu ik dit zo opschrijf, bedenk ik opeens dat ik dit met Lisa eigenlijk ook moet doen.  haar eerst ook op die soort ijzertjes te laten proberen. Kijken of ze het leuk zal vinden. Daarna zien we wel verder, want om nu meteen dure echte schaatsjes voor haar te kopen, terwijl het misschien met een beetje geluk 1 keer in de winter echt goed ijs is, lijkt mij overdreven. Die voetjes groeien op deze leeftijd nog sneller als de neus van Pinokkio bij een leugen. Dus dat gaan we niet doen, ik denk dat ik haar maar eerst eens met die ijzertjes mee ga nemen naar de Jaap Edenbaan in Amsterdam. Daar kun je ook schaatsen huren en dat lijkt mij slimmer, want ik heb zelf nu ook geen schaatsen meer en natuurlijk ga ik met haar samen dan het ijs op! Ik ga er van uit dat je nets als fietsen, ook het schaatsen niet zal verleren. Uiteraard warmen we daarna dan op in het restaurantje wat er nog steeds zit, met warme chocolademelk. Wie weet zal zij net als haar oma een echte schaats fan worden en dan gaan we dat uiteraard veel vaker doen, dan koop ik met liefde voor haar schaatsen, want dan heeft ze er echt plezier van. En heel eerlijk? Ik ook!

Hits: 180

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.