Goh, wat lijkt ze op……

We maken ons er allemaal wel eens schuldig aan, wanneer we een baby bewonderen. We kijken naar de ouders en zeggen vervolgens vaak dat het kindje op de mamma of pappa lijkt. Ook ik maak mij daar wel eens schuldig aan. Anderen vinden alle baby’s juist op elkaar lijken en zien totaal geen gelijkenis. Of zien alleen maar de neus van ome Klaas, of de oren van tante Mien. Dat soort constateringen kan men vaak beter voor zich houden. Toch vinden de meesten van ons het leuk om naar gelijkenissen te zoeken. Maar wat nu wanneer je naar je kleinkind kijkt en je ziet op een bepaald moment gewoon jezelf er in?

Is dit dan de verbeelding, of juist iets wat je graag wil zien, of zou het gewoon kunnen kloppen? Belangrijk is het in ieder geval natuurlijk helemaal niet. De kleine is natuurlijk een geheel eigen individu, maar wel met de genen van de pappa en de mamma, dus daardoor ook de jouwe. Dus geheel ondenkbaar dat je gelijkenissen ziet, is het daarom niet.

Kleine Lisa, lijkt echt vreselijk veel op haar tante (mijn dochter), soms ook op haar vader (mijn zoon) maar ook regelmatig zie ik toch echt heel duidelijk haar moeder (mijn schoondochter) er in. Maar soms, heel soms, dan kijkt ze op een bepaalde manier en dan gaat er een schokje door mij heen, want dan zie ik toch heel duidelijk iets van mijzelf in haar. Ze heeft in ieder geval wel mijn humor en houd net als ik van af en toe een beetje gek doen, al is het midden op straat. Wij dansen samen gewoon midden op een markt wanneer er muziek klinkt en wij daar zin in hebben en er zijn maar weinig lantaarnpalen hier, waar wij niet samen omheen gedanst hebben. Ik moet bekennen dat ik dit toch stiekempjes wel heel erg leuk vind om te constateren. Ach belangrijk is het natuurlijk niet, maar wel leuk om dingen van je kinderen, schoonkinderen of jezelf er in te herkennen. Maar als dit niet zo had geweest, ook prima hoor!

Stapel verliefd ben ik op dit meisje, met haar heerlijke open karakter waarin ik juist weer heel veel van haar vader herken. Ze weet altijd alle harten voor zich te winnen, net als hij dat zo goed kon toen hij klein was. Hoe het nu is zou ik niet weten, want ik ben er nu niet altijd tot nooit meer bij natuurlijk.

Maar toen hij klein was, kende iedereen hem vanwege zijn open houding. Er was geen winkel of markt stal, waar hij niet iets kreeg en op een gegeven moment begon hij daar zo aan te wennen, dat hij raar op keek wanneer men vergat hem iets toe te stoppen en hij daarom zelfs de neiging had om er dan maar om te vragen.

Dat ging mij toen te ver. Al was het door de winkeliers zelf in de hand gewerkt, vond ik het op een gegeven moment niet meer gepast wanneer hij bijna bedelend naar ze keek, laat staan ergens om vroeg. Dus een gesprekje met hem gehad, op zijn toenmalige niveau en met hem afgesproken dat er dus niet meer gevraagd werd, maar dat hij netjes moest afwachten of hij iets kreeg. Niet boos moest zijn wanneer dit dus niet gebeurde, maar juist blij wanneer hij wel iets kreeg.

Goed, vol goede moed op een gegeven moment weer boodschappen doen met het kleine manneke en in de eerste winkel ging het al meteen mis voor hem. Hij kreeg dus niets, maar hield toch braaf zijn mond. Ik complimenteerde hem er mee en lag weer aan hem uit dat dit soms zo was, de ene keer kreeg je wel wat en de andere keer niet. Des te leuker dus wanneer je wel iets kreeg. Vervolgens gingen we de overvolle slager binnen en we gingen samen achter in de rij staan. Al snel wurmde hij zich naar voren en stond vervolgens bijna met zijn neus tegen de vitrine gedrukt.

Opeens hoor ik hem hardop zeggen: “Sjager, Sjager” hij had toen wat moeite met de L uit te spreken, voordat ik in kon grijpen ging hij luid en duidelijk verder; “Sjager, wat heb je toch een jekkere worst!”. Tja, de lachende slager reageerde meteen met de vraag of hij soms een plakje wilde, wat hij natuurlijk heftig ja knikkend beaamde. Daar stond ik dan tussen de lachende andere klanten die hem allemaal zo schattig vonden en wat kon ik er van zeggen? Hij had er immers niet om gevraagd…..

Ik herken in Lisa ook dit innemende gedrag. Laatst liep ik met haar op straat en we waren samen druk in gesprek. Opeens zei ze tegen mij: “Stomme oma!”. Verbaasd en quasi bozig keek ik haar daarom aan en zei: “Wat zeg jij daar tegen oma?”. Ik zag haar snel denken en heel snel antwoordde ze, terwijl ze met haar donkerbruine ogen (net als haar vader) mij recht aan keek: “Wat ben ik toch stom, he oma?”. Tja, ik moest eigenlijk vreselijk lachen om deze snelle herstel reactie van haar, maar liet dit niet merken. Ik smolt, want het was weer net even, heel even, of ik weer met mijn zoon op die leeftijd samen was.

Heerlijk om in de kleintjes zoveel dingen te herkennen, leuke maar ook de soms wat vervelende, maar ook weer geheel nieuwe ervaringen op te doen. Het zijn en blijven uiteraard allemaal eigen individuutjes.

Of ze nou op iemand lijken of niet.

Mijn kleinkinderen zijn voor mij (opnieuw) het grote genieten!!!!!

Hits: 311

Een gedachte over “Goh, wat lijkt ze op……”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.